Camera verwijderen op grond van huurvoorwaarden?

Camera verwijderen op grond van huurvoorwaarden?

Naar aanleiding van een bedreigende buurtgenoot bevestigt een huurder van een flatgebouw een camera aan de buitengevel van zijn woning. De omwonenden uit zijn eigen flat zien de camera als een inbreuk op hun privacy en eisen dat de camera zo spoedig mogelijk verwijderd wordt. Is het mogelijk om verwijdering van de camera op grond van de huurvoorwaarden te vorderen?

Een huurder, die al twaalf jaar woonachtig is in het flatgebouw van verhuurder, plaatst een camera aan de buitengevel van zijn woning. Een buurtgenoot uit het naastgelegen flatgebouw heeft de man en zijn auto’s al enkele keren bedreigd waardoor hij graag extra bescherming wenst door middel van een camera. De huurder is van mening dat er geen privacyregels worden geschonden omdat de camera zich enkel richt op zijn eigen auto’s en er niet wordt gefilmd zodra de auto’s de parkeerplaats verlaten. De overige huurders denken daar echter anders over en willen dat de camera verwijderd wordt.

Algemene huurvoorwaarden
De verhuurder beroept zich op de algemene huurvoorwaarden en is van mening dat de bewoner door het plaatsen van de camera zonder enige toestemming strijdig handelt met de overeengekomen huurvoorwaarden. Blijkens de algemene huurvoorwaarden, die door beide partijen bij het aangaan van de huurovereenkomst zijn ondertekend, mogen er zonder voorafgaande toestemming van de verhuurder geen veranderingen of toevoegingen aan de buitenzijde van de woning worden aangebracht. Volgens de verhuurder kan het plaatsen van een camera worden aangemerkt als een dergelijke verandering. De verhuurder stapt naar de kantonrechter om op grond van de overeengekomen huurvoorwaarden verwijdering van de camera te vorderen. Het is aan de kantonrechter om te bepalen of de geplaatste camera dient te worden verwijderd of niet.

Oordeel
De kantonrechter stelt voorop dat het de huurder in beginsel is toegestaan om zonder toestemming van de verhuurder veranderingen of toevoegingen aan te brengen die bij het einde van de huur zonder noemenswaardige kosten ongedaan kunnen worden gemaakt en/of verwijderd kunnen worden. De kantonrechter verwijst daarbij naar artikel 7:215 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek. Voor veranderingen en toevoegingen aan de buitenzijde van de gevel geldt echter dat de huurder vooraf schriftelijke toestemming van de verhuurder dient te verkrijgen. De kantonrechter is van oordeel dat de verhuurder in deze zaak aan de voorwaarde heeft voldaan door het opnemen van een dergelijke bepaling in de huurvoorwaarden. Omdat vaststaat dat de huurder geen toestemming heeft gekregen voor het plaatsen van de camera aan de buitengevel kan zijn handelen worden aangemerkt als een overtreding van de huurvoorwaarden.  

Dat de huurder heeft aangevoerd een gerechtvaardigd belang te hebben bij het plaatsen van de camera, gelet op de bedreigingen richting de huurder en zijn auto’s, maakt het oordeel van de kantonrechter niet anders. Hoewel de kantonrechter de beweegredenen van de huurder wel begrijpt, staat in deze zaak vast dat het, krachtens de huurvoorwaarden die op de huurovereenkomst van toepassing zijn, de huurder niet is toegestaan om zonder voorafgaande schriftelijke toestemming een camera aan de buitenkant van de woning te plaatsen. Naar oordeel van de kantonrechter zal de huurder zijn camera moeten verwijderen. Mocht de huurder geen gehoor geven aan het besluit dan wordt hem een dwangsom opgelegd van €500,00 per dag.

Het correct opnemen en toepassen van de algemene huurvoorwaarden is van uiterst belang bij onduidelijkheden aangaande de huurovereenkomst. Heeft u vragen met betrekking de Algemene Huurvoorwaarden? Neem dan vlijblijvend contact op met onze gespecialiseerde huurrechtadvocaten in Heerlen via info@sijbenpartners.nl dan wel +31 045 560 2200