Ontslag na grensoverschrijdend gedrag

We stonden in hoger beroep met succes een werkgever bij in een situatie waarin een werknemer zich schuldig had gemaakt aan grensoverschrijdend gedrag. Naar oordeel van het gerechtshof was het ontslag op staande voet rechtsgeldig gegeven.

De werkgever is een rijschool en de werknemer geeft diverse uren per week rijlessen aan leerlingen. Op enig moment kreeg de werkgever melding van verbaal (seksueel) grensoverschrijdend en intimiderend gedrag jegens een leerling. De werkgever heeft de werknemer vervolgens hiermee geconfronteerd. De werknemer gaf aan dat hiervan geen sprake was.

Naar aanleiding van de melding heeft de werkgever onderzoek gedaan naar de melding. Uit dit onderzoek is gebleken dat er meerdere leerlingen het grensoverschrijdend gedrag van de werknemer hebben ervaren. De leerlingen hebben diverse verklaringen afgelegd. De werknemer is vervolgens door de werkgever in de gelegenheid gesteld om zijn kant van het verhaal te doen. De werkgever kon uiteindelijk niets anders concluderen dan dat er sprake was van grensoverschrijdend gedrag en heeft de werknemer op staande voet ontslagen.

De werknemer is naar de kantonrechter gestapt om het ontslag op staande voet aan te vechten. De werkgever diende te bewijzen dat de werknemer grensoverschrijdend gedrag heeft vertoond. Volgens de kantonrechter is de werkgever geslaagd in zijn bewijsopdracht, waarna de kantonrechter de vordering van de werknemer heeft afgewezen. De werknemer is vervolgens in hoger beroep gegaan tegen de uitspraak van de kantonrechter.

Het hof heeft vooropgesteld dat de aangevoerde reden (grensoverschrijdend gedrag) een reden voor ontslag op staande voet kan opleveren. Net als de kantonrechter was het hof van mening dat de diverse verklaringen van leerlingen elk voor zich bewijzen dat de werknemer grensoverschrijdend en intimiderend gedrag jegens de leerlingen heeft vertoond. Het betroffen namelijk gedetailleerde verklaringen waaruit een bepaald patroon in het gedrag van de werknemer werd weergegeven. Daarnaast was er volgens het hof een bepaalde machtspositie tussen de werknemer en de leerlingen, waarbij sprake is van een kleine omgeving (lesauto) en er meestal geen andere mensen aanwezig zijn. Volgens het hof kan niet van de werkgever gevergd worden om de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. De veiligheid van de leerlingen kan namelijk niet gegarandeerd worden.

Heeft u vragen over ontslag op staande voet? Of heeft u andere vragen naar aanleiding van het bovenstaande? Neem dan vrijblijvend contact op met onze gespecialiseerde arbeidsrecht advocaten in Heerlen via info@sijbenpartners.nl dan wel via 045 – 560 22 00.