Heeft een ambtenaar die zich schuldig maakt aan integriteitsschendingen recht op transitievergoeding?

Met de invoering van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) is de eenzijdige aanstelling van ambtenaren automatisch omgezet naar een tweezijdige arbeidsovereenkomst en vallen ambtenaren vanaf 1 januari 2020 onder het private arbeidsrecht. De overheidswerkgever kan de ambtenaar hierdoor in beginsel niet langer tegen zijn wil ontslaan zonder tussenkomst van UWV of de kantonrechter. Tevens heeft de ambtenaar nu, net als een ‘’gewone werknemer’’ recht op transitievergoeding indien de werkgever het dienstverband beëindigt.

Recht op transitievergoeding bij integriteitsschending?

In het privaatrechtelijke arbeidsrecht wordt echter een uitzondering gemaakt op het recht van de werknemer op transitievergoeding, indien het einde van de arbeidsovereenkomst het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen aan de zijde van de werknemer. Uit een onlangs gedane uitspraak van de rechtbank Amsterdam[1] blijkt hoe de zinsnede ‘’ernstig verwijtbaar’’ dient te worden geïnterpreteerd bij het ontslag van een ambtenaar.  

In deze zaak ging het om een gemeenteambtenaar die zich schuldig maakte aan diverse integriteitsschendingen. Met gebruikmaking van zijn functie, kennis en invloed heeft hij onder meer dienstvoertuigen voor zichzelf gebruikt en deze ten onrechte met ontheffing geparkeerd, heeft hij via een constructie goedkoop kaartjes laten kopen voor een voetbalwedstrijd, en heeft hij toegelaten dat zijn vriendin en haar familie tijdens een festival op plekken kwamen, waar bezoekers niet hoorden te komen. De ambtenaar had zich eveneens op social media dreigend en onbehoorlijk uitgelaten over een aantal collega’s.

Wel ernstig verwijtbaar handelen; toch een deel van de transitievergoeding

Naar aanleiding van bovenstaande heeft de rechter in deze zaak geoordeeld dat er sprake was van ernstig verwijtbaar handelen en nalaten aan de zijde van de ambtenaar. Bij de beoordeling achtte de rechtbank mede van belang dat van de ambtenaar mocht worden verwacht dat hij, gezien de aard van zijn functie, zijn kennis en ervaring, en het feit dat hij een voorbeeld is voor jongere collega’s, zich strikt zou houden aan de reglementen rond integriteit. De eisen en regels waren duidelijk vastgelegd in de verschillende reglementen en deze zijn regelmatig bij de ambtenaar onder de aandacht gebracht.

Ondanks de vaststelling dat de ambtenaar ernstig verwijtbaar heeft gehandeld, kreeg hij wel nog  een kwart deel van de transitievergoeding toegewezen. Gezien zijn zeer lange dienstverband, zijn leeftijd en het feit dat er gedurende een gedeelte van dat dienstverband geen (relevante) aanmerkingen zijn geweest op zijn functioneren, was de kantonrechter van oordeel dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn om hem geen enkel bedrag aan transitievergoeding toe te kennen.

Integriteitseis inherent verbonden aan de functie van ambtenaar

Hoewel de invoering van de Wnra er dus toe heeft geleid dat de arbeidspositie van ambtenaren en ‘’gewone werknemers’’ grotendeels gelijk getrokken is, wordt er bij de beoordeling van het ontslag, en eventueel daarmee samenhangende vergoedingen, wel nog rekening gehouden met de bijzondere positie van de ambtenaar en de daaruit voortvloeiende eisen van integriteit.

Heeft u vragen over de gevolgen van de Wnra of over het ambtenarenrecht in het algemeen neem dan contact met ons op via https://www.sijbenpartners.nl/contact